16 apr

Marathon Rotterdam

afbeelding 1

Rotterdam start

Afgelopen zondag heeft Trees een dik PR gelopen tijdens de marathon van Rotterdam. Trees gefeliciteerd

Bezig met laden...
Naam Tijd Leeftijdsindex Snelheid Cat. Pos.
Voeg mijn Uitslag toe

Lees hieronder het verhaal van Trees

BAM, eindelijk het kanonschot! Na het “You never walk alone’’ door Lee Towers, de verstilde emotie die dit oproept, het opzwepende ritme van bassen en drums op het ritme van de heartbeat van de loper, die gespannen afwacht, de verlossing! De meute komt in beweging. Het is begonnen. Begonnen? Nee, dit is het einde van weer een periode van bewust lopen, leven, spanning en vooral veel eten. Nu gaat blijken of het het weer waard was. Na de teleurstelling van Frankfurt sloop de onzekerheid binnen. Kan ik het nog wel, geeft het lichaam het gewoon echt een keer op? De lange duurlopen in de training gingen goed, gefocused alleen door de bossen rennen, uren aan een stuk. Maar nu, Rotterdam, een heksenketel: aan alle kanten lopers, dik en dun, allerlei tempo’s door elkaar, uitzinnig publiek, muziek en trommels denderen op je af. Daar kun je je niet op voor bereiden. Ik probeer me af te sluiten, alleen op mijn ademhaling letten, adem in, 1-2-3, adem uit, 1-2-3. Voorzichtig zigzaggend, tempo inhouden, niet te hard, hou je in, alles wat je wint kun je verliezen in de tweede helft. Maar het gaat soepel, de tussentijden zijn ruim onder mijn streeftijd. Als dat maar goed blijft gaan.Tussen 20 en 25 km wordt het wat zwaarder. Dick staat bij de 21,1 km. Ja, het gaat goed, sein ik hem. Voor de tweede keer de Erasmusbrug, een helling met tegenwind. De Coolsingel lonkt, nee, dat is voor straks, door, door, door. Mijn tempo zakt wat tussen 25 en 30. De ademhaling gaat naar adem in , 1-2, adem uit 1-2. In Frankfurt moest ik hier wandelen, ik was leeg, op. Dat gaat me nu toch niet weer gebeuren? Maar nu lonkt de rust van het Kralingse Bos. Als ik eenmaal daar ben, begint het aftellen, maar ook het afzien. Hou vol, het tempo is nog steeds niet slecht. Neem tijd om te drinken. Vervelend trillinkjes in de kuit en de voet zijn vooraankondigingen van kramp. Ik neem nog een gel en nog eens te drinken. Mijn lichaam begint te verstijven bij 35 km. Het voelt echt moeizaam, En dan ineens tussen het gillende publiek, TREEEES, ik kijk, en daar staat Jan Eggen, me luidkeels aan te moedigen. Ja, dan moet je wel door! Het geeft even vleugels. Bij de 38 km begint het aftellen naar de 40. Al moet ik kruipen, ik kom er wel. Wat moed geeft zijn de vele lopers die je nog tegenkomt aan de andere kant van de weg, die zijn pas bij de 30 km. Maar ik, ik ben bijna thuis. Bij de 40 km zie ik Dick staan. Zoals afgesproken, hem zie ik altijd. Nog twee km en een beetje. Eindeloze kilometers zijn dit. Ik begin al wat aan te zetten, het publiek draagt je bijna verder. Hier kun je niet opgeven. En dan, nog 500m, ja, ik kan nog aanzetten, het voelt als een sprint, en dan de eindstreep, PATS, de klok staat stil: 3uur40’21”. Ook in mijn hoofd is het stil, en lichaam is leeg en in het uitloopvak voelt het ‘alleen’. Daar sta je dan. De overwinning zit in jou. Er is niemand die het ziet. Ik kijk de man die de medaille om mijn nek hangt dankbaar in de ogen. Ruim vier minuten sneller dan Rotterdam 2012 twee jaar geleden en een krappe vier minuten sneller dan mijn PR van Berlijn 2011.

Geef een reactie